© De Oblaten van Franciscus van Sales | contact

Citaat januari 2018


In Theotimus boek 1 hoofdstuk 9 beschrijft Franciscus van Sales hoe de liefde altijd naar vereniging streeft. We willen het liefst zo dicht mogelijk bij onze geliefde zijn. In liefde zijn we uit op samenzijn, op eenheid, op eenwording. En de 'volmaakte uitdrukking' van liefde, schrijft Franciscus van Sales, is de kus. Weliswaar is dat niet zomaar een kus, maar het is de kus waar de bruid in het Bijbelboek Hooglied naar verlangt, in de allereerste regel. In die verzuchting, schrijft Franciscus van Sales, drukt ze haar verlangen uit naar 'de kuise vereniging met haar Bruidegom'. De wijze waarop Franciscus van Sales het Hooglied leest, citeert en toepast in zijn eigen boeken en brieven, is een aparte studie waard. In dit hoofdstuk gebruikt Franciscus van Sales de liefdestaal van het Hooglied, als hij bij de kus begint en bij de volmaakte, heilige liefde uitkomt:

De kus is altijd, alsof het om een natuurlijk gegeven gaat, uitdrukking geweest van volmaakte liefde: twee harten worden één hart. Dat is niet voor niets zo. Onze hartstochten en voorkeuren uiten wij mensen, net als dieren, door middel van onze ogen, wenkbrauwen, ons voorhoofd en kortom, onze hele gezichtsuitdrukking. 'Een mens ken je aan zijn gezicht', zegt de Schrift. En als Aristoteles wil uitleggen waarom men van belangrijke mannen alleen het gezicht schildert, zegt hij dat je aan het gezicht ziet wie iemand is. Onze gedachten en overwegingen ontstaan in het geestelijke deel van onze ziel, dat we de rede noemen. Daarin verschillen we van dieren. We uiten ons door middel van woorden, door onze mond. 'Stort je hart uit voor God', zegt de Psalmist. Daarmee wil hij zeggen dat je uitspreekt wat in je hart leeft. (…) En net zo drukt men in de kus mond op mond, om duidelijk te maken dat men de eigen ziel in die van de ander zou willen uitstorten en zo tot volmaakte vereniging komt. Daarom is de kus altijd en voor iedereen hét teken van liefde. Ook bij de eerste christenen was dat gebruikelijk, Paulus zegt tegen de Romeinen en de Korintiërs: 'Groet elkaar met de heilige kus'. (…) En als Gods Geest het heeft over volmaakte liefde, dan gebruikt Hij bijna altijd woorden als 'vereniging' en 'samenvoeging'. De menige gelovigen, zegt Lucas, had 'slechts één hart en één ziel'. En Jezus zelf bidt voor alle gelovigen 'opdat zij allen één worden'. Paulus wil dat we 'de eenheid van geest door de band van vrede bewaren'. Het zijn deze banden van hart, ziel en geest die de liefde volmaakt maken en die de verschillende zielen verenigt. (…) Haat scheidt, liefde voegt samen. En daarom is de liefde erop gericht de minnaar te verenigen met wat hij bemint."

Franciscus van Sales, 'Verhandeling over de liefde Gods', boek 1 hoofdstuk 9
Bekijk ook de foto van de maand