© De Oblaten van Franciscus van Sales | contact

Citaat juli 2017


In het eerste boek van de Theotimus brengt Franciscus van Sales een reeks onderscheidingen en rangordes aan. In de menselijke geest, zo legt hij uit, bevinden zich allerlei niveaus. Op ieder niveau speelt zich iets specifieks af. En ten opzichte van elkaar zijn die niveaus onder te brengen in een hiërarchie. Zo is er bijvoorbeeld sprake van hogere en lagere gedachten, neigingen en gevoelens. De redelijkheid, ofwel het verstand, staat bijna bovenaan in die rangorde, en kan de mens al dicht bij God brengen. Want volgens Franciscus van Sales is een verstandig mens nu eenmaal een gelovig mens. Daarboven is nog één hoger niveau te vinden en dat is het allerhoogst haalbare. Het is de liefdevolle eenwording met de goede God. Om een idee te geven van wat onderscheiden wordt en waarom, volgt hier een gedeelte uit hoofdstuk 5 van boek 1:

In het redelijke deel van onze geest treffen we onze geneigdheden aan. En naarmate die meer of minder verheven zijn of in de geest een hogere of lagere rang bekleden, zijn ze ook meer of minder edel en geestelijk te noemen. Er zijn namelijk neigingen in ons die voortkomen uit wat we ervaren met de zintuigen. Er zijn ook neigingen die gebaseerd zijn op de wetenschap. Dan zijn er neigingen die stoelen op het geloof. En tenslotte zijn er neigingen die voortkomen uit een niet te beredeneren eenheid van de ziel met Gods waarheid en Gods wil. Die eerste neigingen worden natuurlijke neigingen genoemd. Iedereen kent het natuurlijke verlangen naar bijvoorbeeld gezondheid, zich te bedekken met kleding en te omringen met aangenaam gezelschap. Die tweede soort neigingen worden redelijke neigingen genoemd. Ze komen namelijk voort uit het geestelijke vermogen van de rede of het verstand. Dat zet de wil aan tot het zoeken naar vrede voor het hart, deugden, eer en de bezinning op de eeuwigheid. De derde soort neigingen zijn christelijk te noemen, want ze gaan uit van de leer van Onze Lieve Heer. Van daaruit houden we van bijvoorbeeld de vrijwillige armoede, de volmaakte kuisheid en van het paradijs. Maar de neigingen van de hoogste graad noemen we bovennatuurlijk of goddelijk, want God zelf geeft ze ons. Zo worden we op God gericht zonder tussenkomst van een gedachte of van kennis. Het speelt zich af in het heiligdom van de ziel. Dit zijn de belangrijkste drie bovennatuurlijke neigingen: de liefde voor de schoonheid van de geloofsgeheimen, de liefde voor wat ons beloofd is na dit leven, en de liefde voor Gods opperste goedheid."

Uit: 'De verhandeling over de Liefde tot God' oftwel 'Theotimus' van Franciscus van Sales. Boek 1 hoofdstuk 5
Bekijk ook de foto van de maand